Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering
Inleiding
Terug naar navigatie - Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering - InleidingIn 2025 heeft de ambtelijke organisatie van Albrandswaard zich verder ontwikkeld in het tweede jaar als zelfstandige organisatie. De werkwijze, structuur en identiteit zijn verder verstevigd. De samenwerkingsovereenkomst (SWO) met Ridderkerk is beëindigd en de betreffende medewerkers zijn begin 2025 in dienst getreden van onze gemeente. In het verlengde hiervan is besloten dat ook de financieel adviseurs begin 2026 in dienst komen van Albrandswaard.
De organisatieontwikkeling stond in 2025 in het teken van de kernwaarden nabijheid, eigenaarschap, opgavegericht werken en betrouwbaarheid. Deze zijn nadrukkelijker verankerd in de dagelijkse praktijk. De ontwikkelagenda fungeerde daarbij als gezamenlijk kompas. Deze agenda helpt om focus en overzicht te houden, samenhang tussen initiatieven te zien, bewuste keuzes te maken en voortgang te realiseren. De agenda is van en voor de hele organisatie en wordt continu aangevuld.
Ter bevordering van kennisdeling en samenwerking is in 2025 gestart met de zeswekelijkse Learn @ Lunch-bijeenkomsten, waarin collega’s hun kennis en ervaringen delen. Daarnaast is een tweewekelijkse stand-up vanuit de stuurgroep Organisatieontwikkeling ingevoerd, gericht op de voortgang van initiatieven binnen het thema Slim Samenwerken en de bredere organisatieontwikkeling. Tegelijkertijd is verder gebouwd aan de vaste formatie, om de continuïteit en kwaliteit van de dienstverlening duurzaam te versterken. Ook is in 2025 een intensief ombuigingsproces afgerond om te komen tot een structureel sluitende begroting voor 2026 en een financieel evenwichtige meerjarenbegroting.
De bedrijfsvoeringstaken, met uitzondering van gemeentelijke communicatie, zijn ondergebracht De Bedrijfsvoeringspartner (DBP). In de paragraaf Bedrijfsvoering van de jaarrekening 2025 van DBP wordt hier verder op ingegaan.
Personeel
Terug naar navigatie - Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering - PersoneelBezetting in de organisatie, exclusief vacatureruimte
Door het beëindigen van de samenwerkingsovereenkomst met Ridderkerk (SWO) zijn per 1 januari de medewerkers die in dienst waren bij de gemeente Ridderkerk en op basis van deze overeenkomst exclusief voor de gemeente Albrandswaard werkten, in dienst gekomen van onze gemeente. Het gaat hierbij om 53,67 fte (56 medewerkers).
Samen met de medewerkers die op dat moment al in dienst waren bij de gemeente (81,04 fte – 91 medewerkers) kwam het totaal per 1 januari 2025 uit op 134,71 fte (147 medewerkers).
In de loop van 2025 zijn 27,95 fte (32 medewerkers) in dienst getreden en 18,56 fte (20 medewerkers) uit dienst gegaan. Daarmee bedraagt het totaal aantal medewerkers in dienst van de gemeente per 31 december 2025 144,10 fte (159 medewerkers).
Ziekteverzuim
In 2025 bedroeg het gemiddelde verzuimpercentage binnen de gemeente Albrandswaard 7,3% (2024: 7,0%). Ter vergelijking: in 2024 lag het gemiddelde verzuimpercentage bij alle gemeenten op 6,7%, en op 6,3% bij gemeenten met 25.000 tot 50.000 inwoners.
De meldingsfrequentie binnen de gemeente Albrandswaard lag in 2025 op 0,88 (2024: 0,37). Ter vergelijking: in 2024 lag de gemiddelde meldingsfrequentie bij alle gemeenten op 0,96, en op 0,95 bij gemeenten met 25.000 tot 50.000 inwoners. Het percentage nulverzuim bedroeg in 2025 50,43% (2024: 75,47%). Het gemiddelde nulverzuimpercentage bij alle gemeenten ligt op 48%, en op 45% bij gemeenten met 25.000 tot 50.000 inwoners.
Werknemers in de doelgroep banenafspraak
Voor 2025 geldt een norm van circa 3.800 arbeidsuren voor werknemers die vallen binnen de doelgroep banenafspraak (voorheen “garantiebanen”).
In 2025 zijn voor deze doelgroep in totaal 1.872 uren gerealiseerd. Daarmee heeft de gemeente de gestelde doelstelling niet behaald.
Beleidsindicatoren
Terug naar navigatie - Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering - BeleidsindicatorenIn de jaarrekening 2025 van De BedrijfsvoeringsPartner zijn de beleidsindicatoren die betrekking hebben op de bedrijfsvoering vermeld.
Interbestuurlijk Toezicht (IBT)
Terug naar navigatie - Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering - Interbestuurlijk Toezicht (IBT)In 2021 heeft de provincie besloten een 'Bestuursovereenkomst generiek interbestuurlijk toezicht 2022' (IBT) af te sluiten. Onderdeel van de gemaakte afspraken is dat de provincie minimaal één keer per jaar informeert over de actuele stand van zaken en aandachtspunten met betrekking tot het IBT. In bijlage 7 is de stand van zaken per 31-12-2025 verwerkt.
ENSIA
Terug naar navigatie - Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering - ENSIABurgers en bedrijven mogen een betrouwbare overheid verwachten die zorgvuldig met informatie omgaat. Wij voeren tal van processen en registraties uit die door het Rijk worden voorgeschreven in wet- en regelgeving. Verantwoording en toezicht op die uitvoering moeten betrouwbaarheid en beschikbaarheid van informatie en de kwaliteit van dienstverlening en continuïteit borgen.
Eenduidige Normatiek Single Information Audit (ENISA) is een raamwerk dat door de Nederlandse overheid is ontwikkeld om de informatieveiligheid binnen gemeenten te waarborgen. Het doel van ENSIA is om een uniforme aanpak te bieden voor het beoordelen en rapporteren van informatieveiligheid. Een dynamisch proces waarbij continue aandacht is voor verbetering.
In 2025 zijn zelfevaluaties en externe audits uitgevoerd. Onderstaand geven wij een beeld van de belangrijkste uitkomsten op de uitgevoerde audits. Deze zorgen voor een beeld van de uitvoering op de onderstaande wet- en regelgeving:
- Implementatie van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) - Zelfevaluatie
- Structuur Uitvoeringsorganisatie Werk en Inkomen (Suwinet) – Geauditeerde zelfevaluatie
- Digitale Persoonsidentificatie (DigiD) – Geauditeerde zelfevaluatie
- Basis Registratie Personen (BRP) - Zelfevaluatie
- Paspoort Uitvoeringsregeling Nederland (PUN) - Zelfevaluatie
- Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) - Zelfevaluatie op datakwaliteit
- Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) - Zelfevaluatie op datakwaliteit
- Basisregistratie Ondergrond (BRO) - Zelfevaluatie op datakwaliteit..
De collegeverklaring is in het college van 31 maart 2026 behandeld en ondertekend.
In de onderstaande tabel zijn de onderdelen en de status per einde 2025 opgenomen.
| Baseline onderdelen | Toelichting | Status |
| Beleid en organisatie |
Het strategisch informatiebeveiligingsbeleid is geldig tot en met 2027 en in lijn met de voor overheden verplichte landelijke Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). De BIO bestaat uit het implementeren van technische- en organisatorische maatregelen waarvan ook een stuk privacy-borging in het kader van de Algemene Verordening Gegevensbescherming afhankelijk is.
|
Ruim voldoende tot goed |
| Personeel en toegang |
Betrouwbare medewerkers zijn een belangrijke schakel op het gebied van informatieveiligheid. Daarom vragen we waarborgen aan nieuwe medewerkers en externen. Voorbeelden hiervan zijn de Verklaring Omtrent Gedrag (VOG), integriteit- en geheimhoudingsverklaringen en afspraken in overeenkomsten met (keten)partners. Aandachtspunten zijn:
|
Ruim voldoende tot goed |
| Continuïteit en incidenten |
De continuïteit van onze dienstverlening is van cruciaal belang. Als we geconfronteerd worden met een incident of calamiteit moet hierop adequaat en gedegen gereageerd worden. Wat ons ook overkomt, de dienstverlening moet binnen afgesproken (en soms wettelijke) termijnen weer operationeel zijn. Dit vraagt om een goede borging van bedrijfscontinuïteitsbeheer.
|
Ruim voldoende tot goed |
| Informatiesystemen |
Het beheer van zakelijke ICT-bedrijfsmiddelen is voldoende georganiseerd. De hard- en software is centraal in beeld en in beheer. Onze informatievoorziening wordt steeds meer een hybride omgeving. Dit heeft alles te maken met de wereldwijde cloudontwikkeling, waarbij softwareleveranciers hun diensten alleen nog maar als clouddienst beschikbaar stellen.
|
Ruim voldoende tot goed |
| Gegevensbescherming |
Gegevensbescherming gaat voornamelijk over de integriteit en vertrouwelijkheid van gegevens. "De juiste informatie op het juiste moment bij de juiste persoon". Deze data zitten in ontzettend veel en verschillende systemen zoals vak-applicaties, basisregistraties, Zaaksysteem, netwerkmappen, websites en het e-mailsysteem. Binnen al deze omgevingen moet data geclassificeerd worden op beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid. Vanwege de complexiteit en hoeveelheid aan werk vraagt het invoeren een meerjarenaanpak.
|
Ruim voldoende tot goed |
| ENSIA-stelsel | Toelichting | Status |
| Suniwet (Structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen) |
Suwinet is de digitale infrastructuur die is ontwikkeld door de Suwi-partijen (UWV, SVB en gemeenten) om ervoor te zorgen dat zij gegevens met elkaar kunnen uitwisselen voor de uitoefening van hun wettelijke taak. Er worden alleen gegevens uitgewisseld waar een wettelijke grondslag voor is. |
Ruim voldoende tot goed |
| DigiD (Digitale Persoonsidentificatie) |
De veiligheid van DigiD en websites staat onder druk. Het landelijke dreigingsbeeld geeft aan dat digitale risico’s onverminderd groot zijn en cyberaanvallen steeds meer succesvol zijn met alle gevolgen van dien. De beveiliging vraagt steeds meer aandacht waarbij het een uitdaging is om dit huidige niveau vast te houden. |
Ruim voldoende tot goed |
| BRP (Basis Registratie Personen) |
BRP is de basisregistratie waarin alle inwoners zijn geregistreerd. De gemeente beheert deze BRP voor hun inwoners. Uiteindelijk worden alle BRP-registraties landelijk gekoppeld, zodat overheidsinstanties, zorgverleners en andere dienstverleners die gebruik mogen maken van deze BRP beschikken over de juiste persoonsinformatie. Vanwege het grote landelijke belang rondom de BRP zijn gemeenten verplicht om jaarlijks een zelfevaluatie uit te voeren. |
Ruim voldoende tot goed |
| PUN (Paspoort Uitvoeringsregeling Nederland) | Gemeenten verzorgen de aanvraag en het uitreiken van reisdocumenten voor hun inwoners. Reisdocumenten zijn erg waardevol en vaak de sleutel tot identiteitsfraude. De processen rondom het aanvragen en uitreiken zijn daarom strikt. De burgemeester is verantwoordelijk voor de borging van deze processen en moet hierover jaarlijks verantwoording afleggen aan de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Via de ENSIA-verantwoording infomeren we ook het eigen bestuur over de stand van zaken. De gemeente heeft op dit onderdeel 1590 van de in totaal 2000 punten behaald. | Ruim voldoende tot goed |
| BAG (Basisregistratie Adressen en Gebouwen) | De BAG bevat gemeentelijke basisgegevens van alle adressen en gebouwen in een gemeente. Kopieën van al deze gegevens zijn verzameld in een landelijke voorziening. Deze voorziening wordt landelijk gebruikt door overheden, organisaties en particulieren. Net als alle andere bronhouders verantwoorden we ons jaarlijks over de stand van zaken rondom het beheer van deze BAG. De zelfevaluatie BAG over het jaar 2025 is afgerond met een score van 88% (over 2024 was dat 90%). Hiermee voldoen we aan de landelijk gestelde norm van minimaal 75%. Dit percentage is vergelijkbaar met vorig jaar. | Voldoende |
| BGT (Basisregistratie Grootschalige Topografie) | De BGT is een digitale kaart van Nederland waarop gebouwen, wegen, waterlopen, terreinen en spoorlijnen eenduidig zijn vastgelegd. Kortom: de inrichting van de fysieke omgeving. De BGT is een landelijk uniforme registratie die alleen gemaakt kan worden vanuit een goede samenwerking tussen de diverse bronhouders. Gemeenten zijn als bronhouder medeverantwoordelijk voor de kwaliteit van deze landelijke basisregistratie. Net als alle andere bronhouders verantwoorden we ons jaarlijks over de stand van zaken rondom het beheer van deze BGT. De zelfevaluatie BGT over het jaar 2024 is afgerond met een score van 100%. Hiermee voldoen we aan de landelijk gestelde norm van minimaal 75%. | Voldoende |
| BRO (Basisregistratie Ondergrond) | De BRO bevat bodem- en ondergrondgegevens. Het gebruik van deze gegevens is de laatste decennia sterk toegenomen. Een goede informatievoorziening over de ondergrond is van wezenlijk belang voor het realiseren van bestuurlijke ambities als het omgevingsplan, de energietransitie, watertoets en dergelijke. Als we willen dat onze inwoners hier ook actief in participeren, moet het fundament hiervoor op orde en goed ingevuld zijn. De BRO is een van de elementen die de verschillende opgaves mogelijk moeten maken. De gemeente is bronhouder voor deze basisregistratie. Net als alle andere bronhouders verantwoorden we ons jaarlijks over de stand van zaken rondom het beheer van deze BRO. De zelfevaluatie BRO over het jaar 2024 is positief afgerond met een score van 88% (dat was in 2024 95%). Hiermee voldoen we aan de landelijk gestelde norm van minimaal 60%. | Voldoende |
Rechtmatigheidsverantwoording
Terug naar navigatie - Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering - RechtmatigheidsverantwoordingDe rechtmatigheidsverantwoording heeft betrekking op drie criteria: begrotingscriterium, voorwaardencriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium.
Begrotingscriterium
De begrotingsrechtmatigheid heeft betrekking op het financiële handelen binnen het kader van de geautoriseerde begroting. Dit wordt formeel als volgt omschreven:
“Financiële beheerhandelingen, die ten grondslag liggen aan de baten en lasten, alsmede de balansposten, dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s”.
Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) dienen de afwijkingen in de jaarrekening herkenbaar te worden opgenomen en van een toelichting te worden voorzien. Als blijkt dat de gerealiseerde uitgaven op programmaniveau hoger zijn dan geautoriseerd, is er sprake van begrotingsonrechtmatigheid. Er zijn verschillende typen begrotingsoverschrijdingen. Overschrijdingen die binnen de beleidskaders van de gemeente passen, worden in het collegeoordeel niet meegewogen.
De door de raad gestelde kaders zijn bepalend voor de invulling van het budgetbeheer door het college. Het systeem van budgetbeheer- en bewaking moet waarborgen dat de baten en de lasten binnen de begroting blijven en dat belangrijke wijzigingen of dreigende overschrijdingen tijdig worden gemeld aan de raad, zodat deze tijdig een besluit kan nemen.
Om de kaders te bepalen, is op 10 november 2025 de nieuwe financiële verordening door de gemeenteraad vastgesteld (met ingangsdatum 1-1-2025). Hierin is, in artikel 22, aangegeven dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen zijn enkel acceptabel in de volgende situaties (zie artikel 22 lid 4):
a. Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren.
b. Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling.
c. De overschrijding is geautoriseerd door middel van vaststelling van een tussentijdse rapportage.
d. Budgettair neutrale verdeling van kostenplaatsen naar taakvelden. Dit mag programma overstijgend zijn, maar betreffen enkel:
- Doorbelasting van personele kosten (inclusief inhuur);
- Doorbelasting van kosten huis van Albrandswaard, en;
- Doorbelasting van de bijdrage Bedrijfsvoeringspartner.
In artikel 20 lid 3 van de financiële verordening wordt aangegeven dat geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) groter dan € 50.000 worden toegelicht in de paragraaf Bedrijfsvoering. Van elke afzonderlijke budgetafwijking wordt aangegeven of deze acceptabel of onrechtmatig is.
In de rechtmatigheidsverantwoording weegt de bruto-overschrijding dus mee voor de correctie van acceptabele overschrijdingen. De bruto-overschrijding betreft de totale overschrijding van de lasten van een programma. De financiële verordening geeft spelregels wanneer overschrijdingen als acceptabel worden aangemerkt. Na correctie van de acceptabele overschrijdingen blijkt de netto (niet-acceptabele) overschrijding. In de paragraaf Bedrijfsvoering presenteren wij de bruto-overschrijding en de netto-overschrijding. Doordat de overschrijdingen grotendeels acceptabele verschillen zijn, is er geen verbeterplan nodig omdat we onder de tolerantiegrens van 2% uitkomen.
Bovenstaande werkwijze leidt tot de volgende opsomming:
| Begrotingsonrechtmatigheden | Bedragen x € 1 |
| Begrotingscriterium | |
| 1A. Overschrijding lasten programma’s (of indien van toepassing een ander door de gemeenteraad vastgesteld autorisatieniveau) | 4.044.066 |
| 1B. Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten) | 40.045 |
| 2. Ongeautoriseerde reservemutaties | 0 |
| 3. Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten, investeringen en baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of niet tijdig aan de raad zijn gemeld | 749.661 |
| Totaal begrotingsonrechtmatigheden | 4.833.772 |
| 4. Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden (van onderdeel 1 en 2) dat past binnen het vooraf vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid. In de rechtmatigheidsverantwoording wordt verwezen naar dit vooraf vastgestelde beleid. De niet-acceptabele begrotingsonrechtmatigheden worden inhoudelijk in de rechtmatigheidsverantwoording en in de paragraaf bedrijfsvoering toegelicht. |
3.864.178
969.594 |
| Voorwaardencriterium | |
| 5. Inkopen ten onrechte niet Europees aanbesteed (inhoudelijk hier toelichten en in de paragraaf bedrijfsvoering) | 0 |
| M&O-criterium | |
| 6. Geen bevindingen | 0 |
| Totaal onrechtmatigheden | 4.833.772 |
| Waarvan acceptabel | 3.864.178 |
| Waarvan niet-acceptabel | 969.594 |
Voor de analyse van de onrechtmatigheden verwijzen wij u graag naar het onderdeel volgend op onderstaande tabel.
Programmarekening (begrotingscriterium)
Terug naar navigatie - Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering - Programmarekening (begrotingscriterium)In de volgende tabel zijn de lasten van 2025 opgenomen, voor zowel de begroting na wijziging als de daadwerkelijke lasten.
Begrotingsrechtmatigheid (lasten) |
Begroting na wijziging 2025 |
Werkelijk 2025 |
Verschil (voordeel is + nadeel is -) |
Na correcties niet-acceptabel |
|
|---|---|---|---|---|---|
Lasten |
|||||
1 Openbare Orde & Veiligheid & Algemeen Bestuur |
7.727.200 |
9.905.278 |
-2.178.078 |
142.554 |
|
2 Ruimtelijke Ordening, Wonen & Economie |
7.986.400 |
5.782.538 |
2.203.862 |
0 |
|
3 Buitenruimte |
18.021.300 |
17.741.247 |
280.053 |
0 |
|
4 Financiën |
55.800 |
74.005 |
-18.205 |
0 |
|
5 Educatie |
4.056.700 |
2.841.166 |
1.215.534 |
0 |
|
6 Sport |
2.664.800 |
2.168.753 |
496.047 |
0 |
|
7 Sociaal Domein |
30.901.610 |
31.712.153 |
-810.543 |
0 |
|
9 Overige Baten en Lasten |
|||||
9.1-Algemene dekkingsmiddelen |
415.500 |
478.421 |
-62.921 |
0 |
|
9.2-Overhead |
11.153.500 |
12.127.819 |
-974.319 |
77.379 |
|
9.3-Vennootschapbelasting |
7.100 |
3.144 |
3.956 |
0 |
|
9.4-Onvoorzien |
75.000 |
0 |
75.000 |
0 |
|
Totaal 9 Overige Baten en Lasten |
11.651.100 |
12.609.384 |
-958.284 |
77.379 |
|
Totaal Lasten |
83.064.910 |
82.834.524 |
230.386 |
219.933 |
|
Gerealiseerd resultaat |
83.064.910 |
82.834.524 |
230.386 |
219.933 |
|
Overschrijding lasten
Terug naar navigatie - Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering - Overschrijding lastenDe bruto overschrijdingen betreffen de volgende programma’s:
- Openbare Orde & Veiligheid en Algemeen Bestuur: € 2.178.078;
- Financiën: € 18.205;
- Sociaal Domein: € 810.543;
- Algemene dekkingsmiddelen: € 62.921, en
- Overhead: € 974.319.
Totale bruto overschrijding van deze programma’s: € 4.044.066. Dit is het bedrag wat meetelt in de rechtmatigheidsverantwoording.
Dit betekent dat de uitgaven in de hierboven genoemde programma’s in principe onrechtmatig zijn, en er dus onrechtmatig is gehandeld. Echter, een groot deel van de uitgaven betreffen acceptabele overschrijdingen, zoals geformuleerd in de financiële verordening. In artikel 22 lid 4 van de financiële verordening wordt aangegeven wanneer gedane uitgaven als acceptabel worden beschouwd (zie het onderdeel Begrotingscriterium). Hierdoor corrigeren we de bruto overschrijdingen in de betreffende programma’s, met de genoemde categorieën in de financiële verordening.
Dit leidt tot een niet-acceptabele overschrijding van € 219.933.
Uit bovenstaande tabel blijkt dat de programma's Openbare Orde & Veiligheid en Algemeen Bestuur, Financiën, Sociaal Domein, Algemene dekkingsmiddelen en Overhead overschrijdingen laten zien die verklaard dienen te worden. De overige programma's laten geen overschrijdingen zien. De uitgaven van deze programma's zijn daarmee acceptabel.
Programma 1: Openbare Orde & Veiligheid en Algemeen Bestuur
De totale overschrijding in dit programma bedraagt € 2.178.078.
We noemen hieronder de belangrijkste afwijkingen per subprogramma, indien er significante overschrijdingen zijn geconstateerd.
Voor de verdere financiële analyse van de afwijkingen verwijzen wij u naar programma 1 in dit boekwerk.
1.1 Openbare orde & Veiligheid
De totale overschrijding van dit subprogramma bedraagt € 303.555. Hieronder volgt de toelichting.
Subsidie Grip op Onbegrip
Voor de deelname aan het programma Grip op onbegrip, via ZonMw, is er in totaal voor € 209.520 aan kosten gemaakt waar geen begroting tegenover stond. Deze uitgaven worden echter nagenoeg volledig gecompenseerd door direct gerelateerde baten uit de bijbehorende subsidie.
Conclusie: We kwalificeren de afwijking als een categorie a budgetafwijking, en is daarmee acceptabel.
Dummy rekeningen
De dummy rekeningen lopen door alle programma's heen, en hebben te maken met de interne doorbelasting van de DBP-kosten (uren) en de eigen personeelskosten, naar de diverse taakvelden en programma's. Deze doorverdeling leidt tot verschillen in de programma's en de taakvelden.
Het totaal van alle dummy rekeningen komt, samen met de interne doorbelastingen voor eigen personeel en materieel, voor alle programma's uit op € 0,00. Hierbij lopen de mutaties in de programma's 2 t/m 9 weg tegen de mutaties uit programma 1.
In programma 1.1 zorgen de dummy rekeningen voor een overschrijding van € 89.786.
Conclusie: We classificeren de afwijkingen als een categorie d budgetafwijking, en zijn daarmee acceptabel.
De overige verschillen in dit subprogramma zijn individueel allemaal kleiner dan € 50.000, en daarom niet nader geanalyseerd.
1.2 Algemeen Bestuur
De totale overschrijding van dit subprogramma bedraagt € 1.874.524. Hieronder volgt de toelichting.
Voorzieningen
De stortingen in de voorzieningen betreffen twee voorzieningen: één voor de wethouderspensioenen en één voor het wachtgeld van voormalig wethouders. Voor de stortingen was in totaal € 100.000 begroot, maar uiteindelijk is er € 1.887.553 daadwerkelijk gestort, waarvan ruim € 1,6 miljoen betrekking heeft op de bijstelling van de pensioenen. In deze storting hebben we voor het eerst rekening gehouden met de effecten van de Wtp: de Wet toekomst pensioenen. Deze wet houdt in dat alle lopende en opgebouwde pensioenaanspraken per 1-1-2028 zullen overgaan naar het ABP. Uit een onderzoek van het ministerie van Binnenlandse Zaken, uitgevoerd bij diverse gemeenten, bleek dat de hoogte van de tot nu toe opgebouwde voorzieningen gemiddeld genomen 10 tot 20% te laag zijn om de overgang naar ABP mogelijk te maken. Uit onderzoek blijkt een benodigde storting van 18% noodzakelijk voor Albrandswaard over de nieuwe eindstand per 31-12-2025. Hiermee sluiten wij aan op de resultaten van het uitgevoerde onderzoek van het ministerie. We zullen de situatie omtrent de overgang van de pensioenaanspraken uiteraard nauwgezet blijven volgen in 2026 en 2027.
De overschrijding bedraagt dus in totaal € 1.887.553. De informatie voor de stortingen ontvangen we pas na afloop van het kalenderjaar, waardoor we dit niet eerder hebben kunnen voorzien.
Conclusie: We classificeren de afwijking als een categorie b budgetafwijking, en is daarmee acceptabel.
Gemeenteraad
Voor de gemeenteraad betreft de overschrijding van de lasten € 69.173, wat met name wordt veroorzaakt doordat sinds dit jaar de factuur voor de interim controle bij de gemeente terechtkomt, en niet meer bij DBP (in 2025 ca. € 53.000). De begroting is hier echter niet op aangepast, terwijl dat wel had gekund.
Conclusie: We classificeren de afwijking van € 69.173 als een onrechtmatige budgetafwijking. Er telt derhalve € 69.173 mee in het oordeel.
Verkiezingen
Voor de verkiezingen is in totaal € 73.381 meer uitgegeven dan begroot. In 2025 zijn er verkiezingen geweest voor de Tweede Kamer, waardoor de gemeente voor het organiseren van de verkiezingen o.m. kosten heeft gemaakt voor een projectleider en ondersteuner. Deze kosten zijn niet begroot, terwijl dat wel had gekund.
Conclusie: We classificeren de afwijking van € 73.381 als een onrechtmatige budgetafwijking. Er telt derhalve € 73.381 mee in het oordeel.
Dummy rekeningen
De dummy rekeningen lopen door alle programma's heen, en hebben te maken met de interne doorbelasting van de DBP-kosten (uren) en de eigen personeelskosten, naar de diverse taakvelden en programma's. Deze doorverdeling leidt tot verschillen in de programma's en de taakvelden.
Het totaal van alle dummy rekeningen komt, samen met de interne doorbelastingen voor eigen personeel en materieel, voor alle programma's uit op € 0,00. Hierbij lopen de mutaties in de programma's 2 t/m 9 weg tegen de mutaties uit programma 1.
In programma 1.2 zorgen de dummy rekeningen voor een overschrijding van € 295.306.
Conclusie: We classificeren de afwijkingen als een categorie d budgetafwijking, en zijn daarmee acceptabel.
De overige verschillen in dit subprogramma zijn individueel allemaal kleiner dan € 50.000, en daarom niet nader geanalyseerd.
Voor programma 1.2 zijn de verklaarde overschrijdingen van de lasten (€ 2.325.413) groter dan de totale overschrijding van de lasten van het subprogramma zelf (€ 1.874.524). Dit betekent dat er in dit subprogramma ook grootboekrekeningen zitten met een tegengestelde beweging, namelijk een onderschrijding van de lasten. De totale onderschrijding van de lasten betreft ca. € 500.000. Daarnaast zijn er diverse grootboekrekeningen met een overschrijding van de lasten die elk kleiner is dan € 50.000. De effecten van deze afwijkingen zitten niet in (dit deel van) de rechtmatigheidsverantwoording.
Programma 4 Financiën
De totale overschrijding in dit programma bedraagt € 18.205.
We noemen hieronder de belangrijkste afwijkingen per subprogramma, indien er significante overschrijdingen zijn geconstateerd.
Voor de verdere financiële analyse van de afwijkingen verwijzen wij u naar programma 4 in dit boekwerk.
4.1 Financiën
De totale overschrijding in dit programma (het programma bestaat uit slechts één subprogramma) bedraagt € 18.205. Hieronder volgt de toelichting.
Voorziening dubieuze debiteuren
Voor 2025 bedraagt de totale storting in de voorziening, en daarmee de overschrijding, € 73.744.
Deze voorziening bestaat uit reguliere debiteuren die een factuur hebben gekregen vanuit de gemeente zelf, en uit debiteuren via het SVHW. Voor beide stromen heeft een grotere storting in de voorziening plaatsgevonden t.o.v. voorgaande jaren. Tevens heeft er geen vrijval plaatsgevonden. De voorziening kan pas na afloop van het kalenderjaar bepaald worden, waarbij we voor een deel afhankelijk zijn van informatie van het SVHW. We hebben het daarom niet eerder kunnen voorzien.
Conclusie: We classificeren de afwijking als een categorie b budgetafwijking, en is daarmee acceptabel.
De overige verschillen in dit subprogramma zijn individueel allemaal kleiner dan € 50.000, en daarom niet nader geanalyseerd.
Programma 7 Sociaal domein
De totale overschrijding in dit programma bedraagt € 810.543.
We noemen hieronder de belangrijkste afwijkingen per subprogramma, indien er significante overschrijdingen zijn geconstateerd.
Voor de verdere financiële analyse van de afwijkingen verwijzen wij u naar programma 7 in dit boekwerk.
7.1 Maatschappelijke ondersteuning
Dit subprogramma kent een onderschrijding van € 69.402. Hieronder volgt de toelichting.
SPUK-regelingen
In dit subprogramma zitten diverse SPUK-regelingen. Voor de rechtmatigheid is één regeling van belang:
Inburgering --> totale overschrijding van € 118.124.
Deze uitgaven worden gecompenseerd door direct gerelateerde baten uit de bijbehorende specifieke uitkering.
Conclusie: We kwalificeren de afwijking als een categorie a budgetafwijking, en is daarmee acceptabel.
De overige verschillen zijn allemaal kleiner dan € 50.000, en daarom niet nader geanalyseerd.
7.2 Kwetsbare groepen
De totale overschrijding van dit subprogramma bedraagt € 205.111. Hieronder volgt de toelichting.
Oekraïne-opvang
De kosten voor de opvang van Oekraïnse vluchtelingen zijn in totaal met € 214.306 overschreden. Dit bedrag is inclusief een overschrijding van de lasten bij een van de opvanglocaties, van € 108.427. De kosten van de opvang van Oekraïnse vluchtelingen worden volledig gecompenseerd door het Rijk.
Conclusie: We kwalificeren de afwijkingen als een categorie a budgetafwijking, en zijn daarmee acceptabel.
De overige verschillen zijn allemaal kleiner dan € 50.000, en daarom niet nader geanalyseerd.
7.3 Participatie
De totale overschrijding van dit subprogramma bedraagt € 860.254. Hieronder volgt de toelichting.
Wet BUIG
Voor de wet BUIG bedraagt de overschrijding € 578.063. Er worden opnieuw meer uitkeringen verstrekt, dan wat de BUIG-vergoeding dekt. Dit pas in de landelijke trend dat de instroom in de bijstand al enige tijd hoger ligt dan de uitstroom. Verder zijn er ook meer loonkostensubsidies verstrekt. De uitvoering van deze wet betreft een open einde regeling.
Conclusie: De afwijking betreft een open-einde regeling, en kwalificeren we daarom als categorie b budgetafwijking, en is daarmee acceptabel.
Dummy rekeningen
De dummy rekeningen lopen door alle programma's heen, en hebben te maken met de interne doorbelasting van de DBP-kosten (uren) en de eigen personeelskosten naar de diverse taakvelden en programma's. Deze doorverdeling leidt tot verschillen in de programma's en de taakvelden.
Het totaal van alle dummy rekeningen komt, samen met de interne doorbelastingen voor eigen personeel en materieel, voor alle programma's uit op € 0,00. Hierbij lopen de mutaties in de programma's 2 t/m 9 weg tegen de mutaties uit programma 1.
In programma 7.3 zorgen de dummy rekeningen voor een totale overschrijding van € 371.955.
Conclusie: We classificeren de afwijkingen als een categorie d budgetafwijking, en zijn daarmee acceptabel.
De overige verschillen zijn allemaal kleiner dan € 50.000, en daarom niet nader geanalyseerd.
7.4 Jeugdzorg
De totale overschrijding van dit subprogramma bedraagt € 311.953. Hieronder volgt de toelichting.
GRJR
In dit subprogramma zit de uitvoering van de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond. De verantwoording voor de regionale jeugdhulp is net als vorig jaar samen genomen (zie de toelichting in programma 7 voor meer informatie).
De totale overschrijding op regionale jeugdhulp bedraagt € 200.724.
Het tekort wordt veroorzaakt met name veroorzaakt vanwege het terugontvangen bedrag n.a.v. de definitieve jaarrekening over 2024, en door de lagere afgegeven verwachtingen vanuit de GRJR voor de daadwerkelijke uitnutting van 2025. Als gevolg hiervan hebben we zowel in de eerste- als in de tweede tussenrapportage het totale budget naar beneden bijgesteld, met ongeveer € 1,2 miljoen. Aan het eind van 2025 blijkt de totale bijstelling te rooskleuring te zijn geweest, en komen we € 200.724 tekort t.o.v. de gewijzigde begroting. Per saldo is de uitnutting van de zorgkosten voor de gemeente echter wel voordelig uitgevallen in vergelijking met de primitieve begroting 2025 (voordelig saldo van ongeveer € 1 miljoen).
Conclusie: De diverse afwijkingen betreffen een open-einde regeling, en kwalificeren we daarom als een categorie b budgetafwijking, en zijn daarmee acceptabel.
Lokale jeugdhulp
De verantwoording van de lokale jeugdhulp is dit jaar samen genomen (zie de toelichting in programma 7 voor meer informatie).
De totale overschrijding op lokale jeugdhulp bedraagt: € 354.467.
In 2025 heeft de verschuiving van regionaal naar lokaal ingekochte jeugdhulp zicht voortgezet. Steeds meer hulpvragen kunnen in de directe leefomgeving van jeugdigen en gezinnen worden opgepakt. Echter, de complexiteit en duur van de hulpvragen neemt toe. Dit heeft, in combinatie met stijgende tarieven bij de hulpaanbieders, geleid tot een overschrijding op de lokale jeugdhulpbudgetten. De uitgaven aan jeugdhulp betreffen een open-einde regeling.
Conclusie: De diverse afwijkingen betreffen een open-einde regeling, en kwalificeren we daarom als een categorie b budgetafwijking, en zijn daarmee acceptabel.
De overige verschillen zijn allemaal kleiner dan € 50.000, en daarom niet nader geanalyseerd.
Voor programma 7 zijn de verklaarde overschrijdingen van de lasten (€ 1.837.639) groter dan de totale overschrijding van de lasten van het programma zelf (€ 810.453). Dit betekent dat er in dit programma ook grootboekrekeningen zitten met een tegengestelde beweging, namelijk een onderschrijding van de lasten. De totale onderschrijding van de lasten betreft ca. € 1 miljoen (exclusief de dummy rekeningen). Daarnaast zijn er diverse grootboekrekeningen met een overschrijding van de lasten die elk kleiner is dan € 50.000. De effecten van deze afwijkingen zitten niet in (dit deel van) de rechtmatigheidsverantwoording.
Programma 9.1 Algemene dekkingsmiddelen
De totale overschrijding in het onderdeel Algemene dekkingsmiddelen bedraagt € 62.921.
We noemen hieronder de belangrijkste afwijkingen per binnen dit subprogramma, voor de significante overschrijdingen.
Voor de verdere financiële analyse van de afwijkingen verwijzen wij u naar het programma 'Niet in voorgaande programma's verantwoorde baten en lasten'.
Rentetoerekening activa
De belangrijkste oorzaak voor de overschrijding betreft de toerekening van rente vanuit de activa aan de diverse taakvelden. De toerekening is lager uitgevallen dan begroot (nadelig effect is € 58.671), als gevolg van een lagere omslagrente en een lagere uitnutting van het totale investeringsbudget dan begroot.
Conclusie: We kwalificeren de afwijking als een categorie a budgetafwijking, en is daarmee acceptabel.
De overige verschillen in dit subprogramma zijn individueel allemaal kleiner dan € 50.000, en daarom niet nader geanalyseerd.
Programma 9.2 Overhead
De totale overschrijding in het onderdeel Overhead bedraagt € 974.319.
We noemen hieronder de belangrijkste afwijkingen binnen dit subprogramma, voor de significante overschrijdingen.
Voor de verdere financiële analyse van de afwijkingen verwijzen wij u naar het programma 'Niet in voorgaande programma's verantwoorde baten en lasten'.
Overhead
De overschrijding betreft de doorbelaste overhead vanuit DBP; hier is € 77.379 meer aan uitgegeven dan begroot. Hier staat in programma 1 een voordeel op de doorbelasting van de DBP-uren tegenover, van € 24.195.
Conclusie: We classificeren de afwijking van € 77.379 als een onrechtmatige budgetafwijking. Er telt derhalve € 77.379 mee in het oordeel.
Dummy rekeningen
De dummy rekeningen lopen door alle programma's heen, en hebben te maken met de interne doorbelasting van de DBP-kosten (uren) en de eigen personeelskosten naar de diverse taakvelden en programma's. Deze doorverdeling leidt tot verschillen in de programma's en de taakvelden.
Het totaal van alle dummy rekeningen komt, samen met de interne doorbelastingen voor eigen personeel en materieel, voor alle programma's uit op € 0,00. Hierbij lopen de mutaties in de programma's 2 t/m 9 weg tegen de mutaties uit programma 1.
In programma 9.2 zorgen de dummy rekeningen voor een totale overschrijding van € 774.722.
Conclusie: We classificeren de afwijkingen als een categorie d budgetafwijking, en zijn daarmee acceptabel.
De overige verschillen in dit subprogramma zijn individueel allemaal kleiner dan € 50.000, en daarom niet nader geanalyseerd.
Investeringen
Terug naar navigatie - Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering - InvesteringenInvesteringen (begrotingscriterium)
In bijlage 3 “Staat van kredieten” zijn alle beschikbaar gestelde kredieten opgenomen.
De totale overschrijding van de kredieten bedraagt € 116.607. Dit is het bedrag wat meetelt in de rechtmatigheidsverantwoording.
Het betreft de volgende kredieten, met daarachter het bruto bedrag van de overschrijding:
Bruggen Rhoon/Poortugaal € 16.376
Welhoeksedijk Fietsstraat + poller € 3.461
Beschoeiingen € 9.952
Grondverwerving locatie Veerhuys € 18.686
Uitbreiding Don Bosco gebouw € 1.648
Sportpark de Omloop - grondaankoop € 3.142
Sportpark Omloop parkeerterrein+watergangen € 20.005
Park Omloop kunstgras onderlaag+natuurgras € 29.620
Ondergrondse containers € 13.717 +
Totaal € 116.607
Voor de kredieten Welhoeksedijk Fietsstraat, Grondverwerking locatie Veerhuys, Uitbreiding Don Bosco gebouw en de kredieten m.b.t. De Omloop, geldt dat het budget van de jaarschijf weliswaar is overschreden, maar we nog altijd binnen de respectievelijk totaal toegekende kredieten zijn gebleven. Deze kredieten tellen derhalve niet mee in het oordeel.
Hierdoor blijven de volgende kredieten over die wel in het oordeel worden betrokken: Bruggen Rhoon/Poortugaal, Beschoeiing en Ondergrondse containers, voor een totaalbedrag van € 40.045.
Dit bedrag bestaat uit overschrijdingen die individueel kleiner zijn dan € 50.000, en daarom niet nader geanalyseerd.
Bovenstaande leidt tot een niet-acceptabele overschrijding van € 0,00.
De investeringen waarbij de grens van € 50.000 overschreden is, betreffen onderstaande projecten waarbij deelkredieten zijn gesaldeerd tot de volledige projecten.
Investeringen |
Totaal beschikbaar gesteld krediet |
Beschikbaar 2025 |
Werkelijke uitgaven 2025 |
Beschikbaar ultimo 2025 |
|||
|---|---|---|---|---|---|---|---|
Dorpsdijk Fietsstraat |
270.600 |
214.900 |
188.746 |
26.154 |
|||
Dorpsdijk Fietsstraat (bate) |
-139.000 |
-139.000 |
- |
-139.000 |
|||
Subtotaal |
131.600 |
75.900 |
188.746 |
-112.846 |
|||
Totaalsaldo |
131.600 |
75.900 |
188.746 |
-112.846 |
Dorpsdijk Fietsstraat
Projectvoorbereiding en aanbesteding is in 2024 afgerond, in het eerste kwartaal van 2025 is de uitvoering gestart. Het project heeft vertraging opgelopen vanwege langere afstemmingstijd intern, en vanwege de BAR ontvlechting en daarmee het wegvallen van de betrokken projectleider. Project zit inmiddels in de afrondende fase. De subsidie van de MRDH is nog te ontvangen in 2026.
Overschrijdingen baten en onderschrijdingen baten & lasten
Terug naar navigatie - Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering - Overschrijdingen baten en onderschrijdingen baten & lastenAchtergrond
Niet alleen de overschrijding van de lasten worden betrokken in de rechtmatigheid, ook de onderschrijding op de lasten & over- en onderschrijdingen van baten tellen mee. In de Kadernota rechtmatigheid van het BBV uit september 2025, is hierover het volgende opgenomen:
'Begrotingsafwijkingen zijnde overschrijdingen van baten en/of onderschrijdingen van lasten, investeringen en baten zijn op zichzelf niet onrechtmatig. Deze kunnen alleen onrechtmatig zijn als die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of te laat aan de raad zijn gemeld. Dit tijdig melden raakt immers ook het directe budgetrecht en daarmee de kaderstellende rol van de raad. Immers de raad had op basis van tijdig verstrekte informatie (mogelijk) een aanvullend (ander) besluit kunnen nemen.
Het college betrekt de overschrijdingen van de lasten en investeringen ten opzichte van de begroting na wijziging en (bekende of bekend behoorden te zijn), afwijkende baten en onderschrijdingen van lasten en investeringen die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of niet tijdig aan de raad zijn gemeld bij de fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording'.
Om invulling te geven aan de eisen zoals ze in de Kadernota genoemd worden, volgt hieronder de specificatie van respectievelijk de onderschrijding van de lasten, en de over- en onderschrijdingen van de baten. Ook voor deze onderdelen geldt dat alleen afwijkingen die groter zijn dan € 50.000, in de analyse worden meegenomen. De bruto en netto over- en onderschrijdingen die hier uit volgen, zijn meegenomen in de eerder getoonde tabel 'Begrotingsrechtmatigheden'.
Onderschrijding lasten en over- en onderschrijding baten
Bij de tweede tussenrapportage is het geschetst beeld zo actueel mogelijk geweest. Gezien de organisatieontwikkeling en de timing zijn een aantal mutaties geweest, die we niet hadden voorzien. Er zijn een aantal afwijkingen die eerder gemeld hadden kunnen worden.
Omgevingsvisie
De onderschrijding bij de Omgevingsvisie van € 110.000 is ontstaan omdat de implementatie, en alles wat daarbij hoort, niet heeft plaatsgevonden in 2025. Dit zal in 2026 worden opgepakt. Aangezien dit al langere tijd bekend was, had dit eerder gemeld kunnen worden.
Conclusie: We kwalificeren de afwijking van € 110.000 als een onrechtmatige budgetafwijking. Er telt derhalve € 110.000 mee in het oordeel.
Gemalen
De onderschrijding van de lasten, van € 96.805, kan nagenoeg volledig worden verklaard door de lagere energiekosten vanuit Greenchoice. Deze onderschrijding is niet eerder gemeld dan in de jaarrekening, maar speelt al een groot deel van het jaar. Dit had derhalve eerder gemeld kunnen worden.
Conclusie: We kwalificeren de afwijking van € 96.805 als een onrechtmatige budgetafwijking. Er telt derhalve € 96.805 mee in het oordeel.
BBS De Wegwijzer
Voor het gebouw BBS De Wegwijzer is € 110.315 minder uitgegeven dan begroot. Dit kan voornamelijk verklaard worden omdat in 2025 middelen begroot waren om noodlokalen te huren en grond bouwrijp te maken. Dit heeft echter vertraging opgelopen en zal de komende twee jaar nog niet gaan plaatsvinden. Dit had eerder gemeld kunnen worden en kunnen leiden tot een begrotingswijziging, maar is helaas niet gebeurd.
Conclusie: We kwalificeren de afwijking van € 110.315 als een onrechtmatige budgetafwijking. Er telt derhalve € 110.315 mee in het oordeel.
Peuterwerk algemeen
Bij peuterwerk is een onderschrijding van de lasten van € 60.170 ontstaan. De onderschrijding kan met name verklaard worden omdat verstrekte subsidies uit 2023 en 2024 zijn teruggevorderd voor in totaal ca. € 74.000. Hiervoor had de begroting had aangepast kunnen worden, maar dat is niet gebeurd.
Conclusie: We kwalificeren de afwijking van € 60.170 als een onrechtmatige budgetafwijking. Er telt derhalve € 60.170 mee in het oordeel.
Lokaal preventief jeugd
Bij Lokaal preventief jeugd is € 54.473 minder uitgegeven dan begroot. Dit komt voornamelijk omdat de lasten van het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) sinds 1-1-2025 niet meer op deze kostenplaats landen. De tussentijdse bijstelling van de begroting, die voor deze reden is gedaan, bleek onvoldoende. Een verbeterde bijstelling is uitgebleven.
Conclusie: We kwalificeren de afwijking van € 54.473 als een onrechtmatige budgetafwijking. Er telt derhalve € 54.473 mee in het oordeel.
Subsidie Grip op Onbegrip
Voor het actieprogramma Grip op Onbegrip zijn middelen ontvangen (€ 205.610), die de werking van een SPUK-regeling heeft. De ontvangen middelen zijn besteed. De baten van deze regeling zijn helaas niet begroot. Dit had wel gekund.
Conclusie: We kwalificeren de afwijking van € 205.610 als een onrechtmatige budgetafwijking. Er telt derhalve € 205.610 mee in het oordeel.
Gronden en landerijen
De overschrijding van de baten (€ 53.288) bij dit onderdeel komt met name door de vestiging van diverse opstalrechten door Stedin in het eerste halfjaar van 2025. Hiervoor had de begroting bijgesteld kunnen worden, maar dat is niet gebeurd.
Conclusie: We kwalificeren de afwijking van € 53.288 als een onrechtmatige budgetafwijking. Er telt derhalve € 53.288 mee in het oordeel.
Planmatig onderhoud wegen
Bij planmatig onderhoud wegen heeft een overschrijding van de baten plaatsgevonden van € 155.938. Dit is veroorzaakt door de degeneratie inkomsten die zijn ontvangen. Het voorspellende karakter van deze inkomsten is laag, maar ten tijde van de tweede tussenrapportage lagen de inkomsten al ruim boven het begrote bedrag. De begroting had bijgesteld kunnen worden. We nemen daarom € 59.000 mee als zijnde onrechtmatig. Dit betreffen de inkomsten die zijn ontvangen in het laatste kwartaal.
Conclusie: We kwalificeren de afwijking van € 59.000 als een onrechtmatige budgetafwijking. Er telt derhalve € 59.000 mee in het oordeel.
Bovenstaande mutaties leiden tot de volgende totaaltelling:
Afwijkingen als gevolg van onderschrijding lasten: € 431.763
Afwijkingen als gevolg van over- en onderschrijdingen baten: € 317.898 +
Totaal aan afwijkingen wat meetelt in rechtmatigheidsoordeel: € 749.661
Voorwaardencriterium
Het voorwaardencriterium is een van de criteria waarop de jaarrekening van de gemeente wordt getoetst. Dit criterium dekt samen met het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium de financiële rechtmatigheid af.
Dit criterium wordt door de commissie BBV in de Kadernota rechtmatigheid 2025 als volgt omschreven:
'Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken. Deze aspecten kunnen het recht, hoogte en duur bij de uitvoering van de financiële beheershandeling bepalen '.
Met onze interne controles sluiten we aan bij de goedkeurings- en rapporteringstoleranties die de accountant hanteert. In nauwe samenspraak met de accountant hebben we de omvang van de steekproeven en de uit te voeren controles bepaald. Op de volgende gebieden hebben controles plaatsgevonden:
- Europese aanbestedingen;
- Inkoopproces enkelvoudig en meervoudig onderhandse procedures;
- Treasury;
- Betalen en facturen inclusief fiscale aspecten;
- Memoriaalboekingen;
- Investeringen (Waarderen, activeren en afschrijven);
- Personeel inclusief fiscale componenten;
- Subsidieverlening en vaststelling;
- Grondexploitaties;
- Participatiewet (incl. IOAW, IOAZ en BBZ);
- WMO;
- Jeugdwet;
- Lokale hulpverlening, en
- Huur en Erfpacht.
Rechtmatigheidsfouten moeten in de verantwoording opgenomen en toegelicht worden indien zij boven het door de raad vastgestelde verantwoordingspercentage uitkomen. Wij hanteren de rapporteringstolerantie die ook met de accountant is afgesproken.
Conclusie uit controles
Bij de uitgevoerde Verbijzonderde Interne Controle is zijn geen fouten of onzekerheden geconstateerd.
Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium
Misbruik en oneigenlijk gebruik is een van de criteria waarop de jaarrekening van de gemeente wordt getoetst. Dit criterium dekt samen met het begrotingscriterium en voorwaardencriterium de financiële rechtmatigheid af. In de financiële verordening wordt aangegeven dat het college verantwoordelijk is voor het vastleggen van beleid en interne regels op deze gebieden. Met de Nota Misbruik en Oneigenlijk gebruik, die op 18 december 2023 door de raad is vastgesteld, wordt invulling gegeven aan een van deze gebieden.
Het begrip misbruik en oneigenlijk gebruik wordt door de Commissie BBV in de Kadernota rechtmatigheid 2025 als volgt omschreven:
Misbruik
'Het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens met als doel ten onrechte overheidssubsidies of -uitkeringen te verkrijgen of niet dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen'.
Oneigenlijk gebruik
'Het door het aangaan van rechtshandelingen, al dan niet gecombineerd met feitelijke handelingen, verkrijgen van overheidsbijdragen of het niet dan wel tot een te laag bedrag betalen van heffingen aan de overheid, in overeenstemming met de bewoordingen van de regelgeving maar in strijd met het doel en de strekking daarvan'.
Misbruik en oneigenlijk gebruik gaat zowel over mogelijkheden voor fraude, diefstal of andere vormen van zelfverrijking in de organisatie, ambtelijk en bestuurlijk, als over misbruik van regelingen door burgers, bedrijven en instellingen. In de praktijk zal vaak sprake zijn van samenspanning door externe partijen met één of meerdere personen binnen de gemeente.
Bij alle processen waar sprake kan zijn van misbruik en oneigenlijk gebruik moeten in de kaders voor deze regelingen waarborgen zijn opgenomen om misbruik en oneigenlijk gebruik te voorkomen.
Extern geldt dat geen middelen de deur uitgaan zonder toetsing aan geldende regelgeving. De gemeente Albrandswaard vindt het belangrijk dat o.a. de uitkeringen, subsidies en vergunningen naar de inwoners of bedrijven gaan die daar recht op hebben. Het is belangrijk dat ook de duur en hoogte van het bedrag juist is.
Om misbruik te voorkomen moeten we niet alleen naar buiten kijken, maar ook naar ons eigen handelen. Intern gelden integriteitsregelingen, de ambtseed, functiescheiding in (financiële) processen, maar ook aanspreekgedrag en collegiale toetsing.
Conclusie
Uit de uitgevoerde Verbijzonderde Interne Controle zijn geen gevallen van misbruik en oneigenlijk gebruik bekend geworden.
Aanbevelingen
Terug naar navigatie - Paragraaf 5 - Bedrijfsvoering - AanbevelingenBegrotingscriterium
Binnen de bestaande processen voor het budgetbeheer en de planning & control cyclus is veel aandacht voor de budgetoverschrijdingen. Het verder ontwikkelen van de rapportages en het verbeteren van de informatie met prognoses moet bijdragen aan een eerdere signalering van begrotingsonrechtmatigheden door overschrijdingen. Voor de onderschrijdingen van budgetten is over het algemeen minder aandacht. Hier zal ook actiever op gelet en gestuurd dienen te worden. Dit valt samen met kennis en ervaring van alle collega's. Door de ontvlechting merken we dat kennis en ervaring niet op alle plekken even goed geborgd is. Ook zijn er een aantal 'weeffouten' in de formatie die door de ontvlechting zijn ontstaan, die nog niet of pas gedeeltelijk zijn opgelost. Tevens hebben we in 2025 te maken gehad met verloop in de organisatie.
We gaan in 2026 aan de slag om in deze punten te verbeteren.